Schelpdieren, eiwitbron van de toekomst?

 
De 7e internationale schelpdierconferentie die op 17 en 18 maart 2022 is gehouden op Deltapark Neeltje Jans trok deze keer meer dan 250 deelnemers. Na het verruimen van de covid maatregelen was er veel animo elkaar weer te ontmoeten. De duurzaamheid awards zijn uitgereikt aan Damen Maaskant voor de ontwikkeling van scheepsmotoren met veel minder CO2 en stikstof uitstoot, en aan OOS voor het afzinkbare mosselkweekplatform SFM (Submersible Mussel Farm). Tijdens de beurs is de handtekening van de schelpdiersector gezet onder de Blue Deal, samen met overheid en natuurorganisaties, gericht op natuur-inclusieve schelpdierkweek op zee. De beurs was goed bezet met 26 (inter)nationale stands en in het programma was veel tijd ingeruimd voor beursbezoek. Reacties waren zeer positief en er is belangstelling voor een vervolg.
 
Zijn schelpdieren kansrijk als eiwitbron van de toekomst, is het gezond voedsel, en hoe duurzaam is de kweek ? En is het aanbod voldoende om aan de (toekomstige) vraag te voldoen? Op dag 1 van de conferentie stonden deze vragen centraal.
De eerste keynote spreker, prof Ray Hilborn, presenteerde een overzicht van energiegebruik, koolzuur- en stikstofuitstoot en watergebruik bij de productie van diverse typen voedsel, zoals vlees, kip, tomaat, zeewier en schelpdieren. Op de meeste aspecten scoren schelpdieren bijzonder goed. Stikstofuitstoot is bij schelpdieren zelfs negatief: door de schelpdieren te oogsten wordt er stikstof mee geoogst. Hilborn maakte duidelijk dat schelpdieren kansrijk zijn als vervangers van andere, minder duurzame, eiwitbronnen. Zijn review is gebaseerd op een internationale vergelijking van een groot aantal voedingsmiddelen en zijn advies is veel meer gebruik te maken van voetafdruk analyses (Life Cycle Analyses) om te beoordelen hoe duurzaam producten eigenlijk zijn. Dit onderwerp is verder uitgediept voor de Nederlandse schelpdierkweek door Geert Hoekstra en Marnix Poelman van WUR. De vraag is hoe positieve effecten – vaak aangeduid als ecosysteemdiensten – in de prijsvorming kunnen worden meegenomen. Naast duurzame productie is het voor de consument minstens zo belangrijk inzicht te hebben in de kwaliteit van producten: is het wel gezond? Jasper van Houcke van de HZ University of Applied Sciences liet zien dat er wel veel algemene kennis is van de voordelen van voedsel uit zee, maar dat specifieke gegevens over de gezondheidsclaims voor de consumptie van schelpdieren niet zomaar te vinden zijn. Het enige harde gegeven is dat de vetzuren DHA en EPA in mosselen effectief zijn in het verminderen van het risico op hart- en vaatziekten. Gericht onderzoek met een testgroep en een controlegroep laat zien dat 1 x per week mosselen eten de gehalten aan goede vetzuren in het bloed op een hoger nivo brengt met minder risico op hartfalen.
 
Door de tweede keynote spreker, Margreet van Vilsteren van de Good Fish Foundation, – van de viswijzer – is aangekaart dat mosselen inderdaad duurzaam en gezond zijn, maar dat de consument moeilijk wordt bereikt. Dit geldt zeker voor de jongere generaties. Er is dus veel meer inspanning nodig om de transitie naar duurzaam geproduceerde en gezonde voeding ook op het bord te krijgen. Zij presenteerde een programma om dit voor mosselen te bereiken met een strategie gericht op de 1,6 miljoen Nederlanders van 25 tot 35 jaar. De jongeren van het mosselnet, die een pitch gaven tijdens de conferentie spelen daar een belangrijke rol in.
Schelpdieren kunnen dus bijdragen aan een gezond en duurzaam dieet. Maar dan moet er wel voldoende worden geproduceerd. Het paradoxale is echter dat de productie binnen Europa al jarenlang daalt. Door Hans van Oostenbrugge en Jacob Capelle van de WUR is meegewerkt aan een analyse van de trends in schelpdierproductie in Europa. In het artikel dat hierover is verschenen wordt ook ingegaan op de oorzaken van de afnames die zich inderdaad in heel Europa voordoen. In de presentatie op de conferentie krijgt de zaal de gelegenheid de sterktes/zwaktes en de kansen/bedreigingen van de mosselkweek in Nederland te duiden. Via een link verschijnt de score per item op het scherm. Het gebrek aan kweekruimte is de belangrijkste zwakte en verder de lage prijs. Sterke punten zijn de lage impact op het milieu en de goede marktpositie. Belangrijkste bedreigingen zijn: stormschade, mede in verband met klimaatverandering, en gebrek aan mosselzaad. De grootste kansen ziet men in uitbreiding van de consumptie en kweek op zee.
Vanuit de EU worden er visies ontwikkeld en plannen gemaakt om voedsel uit zee te promoten. Door Felix Leinemann van DG Mare, wordt uit de doeken gedaan wat er op schelpdiergebied op de agenda staat. Er is wat hem betreft volop erkenning van schelpdieren als gezonde en duurzame eiwitbron en de rol die de productie speelt in de green deal en blue economy. Hij ziet vooral mogelijkheden in combinaties op zee met windparken, zeewierteelt en mogelijk ook met visteelt in de vorm van integrated multi- trophic aquaculture (IMTA). De uitvoering van dit beleid is de zaak van de nationale overheden. Daarover gaat de bijdrage van Nanou Beekman van het ministerie van LNV. Zij gaat in op het nieuwe schelpdierbeleid voor de komende 10 jaar. Daarin wordt de ruimte voor experimenten nader ingevuld en worden zaken geregeld zoals de oogst van tapijtschelpen en kokkels in de Oosterschelde, en de mogelijkheden voor kweek op zee.
 
 
Video boodschap voor de conferentie, van LNV Minister Staghouwer
 
 
Ondertekening van de Blue Deal met vlnr Wouter van Zandbrink, Jo-Annes de Bat, Edie Engels, Dick ten Voorde, Mascha Dedert en Nanou Beekman (Foto’s Gees van Hemert)
 
Het ministerie is een van de ondertekenaars van de Blue Deal en het was de intentie dat de minister persoonlijk zou tekenen op donderdagmiddag, maar daar kwam een kamerdebat tussendoor, dus de honneurs zijn door Nanou Beekman waargenomen. De minister heeft de zaal wel via een video toegesproken
 
 
De Blue Deal is verder getekend door Jo-Annes de Bat van de Provincie Zeeland, Edie Engels namens de PO Mosselen, Mascha Dedert van de Zeeuwse Milieu Federatie, Dick ten Voorde van Impuls Zeeland, en taskforce voorzitter en trekker van de Blue Deal Wouter van Zandbrink, namens de vereniging schelpdierhandel.
 
Voorafgaand aan de conferentie is er op 16 maart bij de HZ University of Applied Sciences in Middelburg een internationale workshop gehouden over kansen en bedreigingen van de schelpdierteelt en wat er aan te doen is. Addy Risseeuw van de PO Mosselen en tevens workshop voorzitter presenteerde een kort verslag van de workshop. Het blijkt dat in veel schelpdier producerende landen dezelfde problematiek speelt: ruimtegebrek voor kweek, lage prijzen en dus weinig investeringsruimte, tekort aan gekwalificeerd personeel, en complicaties met de regelgeving. Deelnemers aan de workshop zijn vertegenwoordigers uit Italië, Frankrijk, Portugal, UK, Ierland, Duitsland, Denemarken, Noorwegen en Nederland.
 
Eva Hartog van de HZ University of Applied Sciences presenteerde de resultaten van een onderzoek naar de groei en de vorm van oesters in verschillende typen off-bottom kweeksystemen op enkele locaties in de Oosterschelde. Er zijn groeiverschillen tussen de locaties, en mandjes geven een betere groei dan zakken. De ronde vorm lukt beter met kweek in zakken die in het water hangen en met de golven meebewegen, aldus de voorlopige resultaten.
 
Op dag 2 is het thema gericht op een nieuwe aanpak om de Blue Deal te verwezenlijken. Dat betekent verkennen wat er aan mogelijkheden is om in nieuwe gebieden meer ruimte te vinden, te beginnen bij de kustzone. Dat roept technische vragen op, vragen op het gebied van beheer en medegebruik, en mogelijkheden om functies gezamenlijk te versterken, zoals kweek van mosselen en zeewier, of combinatie van kweek en natuurontwikkeling. En verder hoe bestaande knelpunten, bijvoorbeeld met stikstof, aangepakt kunnen worden.
Dit punt stond centraal in de eerste sessie op vrijdag. Door Cora Seip (PO Mossel) en het team van LGL legal, Megan Claessen en Werner Lindhout, is uitgelegd waar de stikstofproblemen vandaan komen en hoe de berekening in elkaar zit.
André de Bie van Damen Shipyards liet zien welke technische oplossingen er in ontwikkeling zijn wat betreft emissies van CO2, stikstof en roetdeeltjes, en hoe ze werken. Er bestaat al een breed assortiment aan mogelijkheden en combinaties, zoals diesel met elektrische units.
De rest van de dag ging vooral over kweek op zee met een overzicht van wat de ontwikkelingen in de omringende landen zijn. Emma Sheehan (Plymouth University)
presenteerde resultaten van onderzoek aan de offshore longline mosselkweek van de Holmyards langs de Zuid-Engelse kust. Dit is gericht op het effect van de farm op de biodiversiteit. Er komen nu veel meer soorten voor op en rond de farm dan in het controlegebied zonder mosselkweek.
Nancy Nevejan (Universiteit Gent) gaf een overzicht van diverse projecten langs de Belgische kust, gericht op de combinatie van mosselkweek, zeewierkweek, herstel en kweek van platte oesters, ten dele uitgevoerd in windfarms.
Harald Sveier van Leroy Seafood liet zien hoe in Noorwegen zeewier en mosselkweek wordt gecombineerd, deels ook samen met viskweek als IMTA. Opmerkelijk is dat de mosselen primair worden gekweekt als toepassing in visvoer.
De kansen voor kweek op zee kamen aan de orde in de vrijdagmiddag sessie. Joao Ferreira (Longline Environment Ltd) liet zien dat er al veel modellen zijn waarmee oogsten onder uiteenlopende condities voorspeld kunnen worden.
Karel van den Wijngaard van Ark Natuurontwikkeling brak een lans voor de combinatie van schelpdierkweek en natuurherstel en gaf een aantal voorbeelden van geslaagde projecten elders. Zijn inbreng is onderdeel van de Blue Deal die door Wouter van Zandbrink nader werd toegelicht.
In de afsluitende keynote presentatie ging Jaap van der Meer van WUR nader in op de speelruimte die het ecosysteem biedt voor kweek op zee. Het draait uiteindelijk om optimale benutting van de randvoorwaarden, in dit geval vooral plantenvoedingstoffen. Bij zeewierkweek gaat dit naar het zeewier en is er minder voor microalgen die als mosselvoer dienen. Met modellen kan worden berekend waar het optimum te vinden is.
 
Naast lezingen zijn er korte presentaties gehouden als introductie van wat er op de beurs ze zien was. De pitches gingen onder meer over hoe kweekinstallaties te verzekeren zijn, wat je met digitalisering kan doen op schepen, wat de RVO voor de kwekers kan betekenen en welke mogelijkheden het MSC label te bieden heeft. Verder heeft Colruyt de plannen voor mosselkweek langs de Belgische kust gepresenteerd en was er een filmpje van het mosselplatform van OOS. Sander van Gelderen gaf een pitch over bedrijfsopvolging.
Tijdens het diner op donderdagavond ten overstaand van 130 gasten gaf Eva Verwijs van Krijn Verwijs en Janneke Blijs van de Visfederatie een pitch over het initiatief van de Young Seafood Leaders en was er een pitch van de mosselnetwerkgroep van het Slow Food Youth Network.
 
De conferentie heeft laten zien dat schelpdieren goed scoren op duurzaamheid in vergelijking met ander typen voedsel. En schelpdieren dragen bij aan een gezond dieet. De populariteit onder jongeren is echter niet toereikend om het product ten volle te benutten. Daarom is er meer nodig om schelpdieren onder de aandacht te brengen. Maar dan moeten ze ook geleverd kunnen worden, en daar wringt de schoen. De Europese productie neemt af, ondanks beleid en subsidieprogramma’s. Vandaar het zoeken naar nieuwe productiemogelijkheden op zee. Dit staat nog in de kinderschoenen. De pilots laten zien welke problemen allemaal opgelost moeten worden.
Deze en vorige conferenties laten zien dat er nog onvoorstelbaar veel moet gebeuren om kweek op zee op relevante schaal voor elkaar te krijgen.
 
De presentaties van lezingen, pitches en van de workshop zijn te vinden op
 
Aad Smaal, Jaap Holstein & Jasper van Houcke, organisatie